Over mij

Mijn foto
Ik wil mijn werk graag goed doen. Kwaliteit van zorg toetsen aan het naleven van regels heeft misschien voordelen omdat je dan iets hebt om te 'meten'. Maar in mijn dagelijks werk loop ik in toenemende mate aan tegen het gevaar ervan: dat aan het eind van de rit het enige dat werkelijk telt de belangen van de zorgverlener zelf zijn. En wat is dan nog 'goed doen'? Vragen hierbij en ideeēn hierover genoeg - lees maar.

woensdag 12 augustus 2015

CTG

Elke twee maanden verschijnt het Tijdschrift voor Verloskundigen.
Sinds dit jaar mag ik daar een column in schrijven, die de hoofdredacteur ‘Noorderlicht’ heeft gedoopt.
Maar het augustusnummer moet het zonder Noorderlicht stellen, ook al gaat de column over het thema van de maand: het CTG. 
M’n column is kritisch over het CTG en dat komt niet handig uit, omdat de KNOV nou juist het CTG als ‘innovatie’ in de eerste lijn wil laten introduceren. 
Dus: wordt hij niet geplaatst. 

De NVOG heeft vorige maand een felle tegenreactie gegeven op het initiatief van het introduceren van het CTG in de eerste lijn.

Ik weet niet wat jij vindt, maar ik vind het een matige zaak dat uit een soort behoefte de gelederen te sluiten een kritisch geluid niet gehoord mag worden.
Vooral omdat wat ik schrijf over iets heel anders gaat dan de argumentatie van de NVOG.

Politiek spel laten prevaleren boven ruimte om kritisch na te denken is wat mij betreft geen signaal van een gezonde organisatie. 
Ik ben er niet gerust op!

Dan nu de column:

CTG

Er zijn wel eens artikelen waarbij ik tijdens het lezen denk: het verschijnen hiervan is zo indrukwekkend, vanaf NU zal de zorg dan eindelijk ingrijpend veranderen, dit betekent het einde van een tijdperk - zo zonneklaar is de conclusie.
En dat is dan nooit zo. Waaruit dan weer valt te leren dat de inhoud van onze zorg door hele andere zaken wordt gedreven dan door (slechts) ratio. 

Een voorbeeld hiervan is het artikel Electronic Fetal Monitoring: a Bridge Too Far van Thomas Sartwelle uit 2012.
Dit artikel is een must read voor iedereen die geïnteresseerd is in CardioTocoGrafie (CTG). Er blijft alleen geen spaan van de CTG-betrouwbaarheid heel.
Heel in het kort twee feiten over het CTG in de eerste lijn of, zoals dat tegenwoordig heet: in een 'laagrisicopopulatie'. De positief-voorspellende waarde van een goed CTG is bijna 100%. Dit wil zeggen dat als het CTG goed is, dan is de baby in een goede conditie, in elk geval de komende vierentwintig uur. MAAR! De voorspellende waarde van een slecht CTG is op zijn mooist 1%. Dit wil zeggen dat als het CTG niet goed is, als de hartslag van de baby een zorgelijk patroon lijkt te hebben, dan is de kans dat de baby tóch in een goede conditie is 99%.

Eigenlijk is het CTG dus een Constant Tegenvallend Gegeven. Want met zo veel foutpositieven is de kans dat er meer baby's (en hun moeders) schade toegebracht wordt door een onnodige ingreep mogelijk (misschien zelfs waarschijnlijk) groter dan de kans dat er een kind gered wordt. Dat is toch gewoon een Continu Tekortschietende Grafiek?

Het is zelfs af te vragen of met de huidige kennis het CTG ooit goedgekeurd zou zijn als diagnostisch middel, Chronisch Teleurstellend Geval als het is. Kan het hele apparaat niet beter naar de schroothoop?
Toch is daar in de praktijk nog lang geen sprake van. Integendeel, binnenkort doet mogelijk het CTG zelfs zijn intrede in de eerste lijn.

Nou ja, het gaat dan om het naar de eerste lijn halen van tot nu toe 'tweedelijns' indicaties. Zoals een consult minder leven voelen

In zekere zin zit daar nog wel wat in ook, vanuit het idee dat een deel van de vrouwen die voor een consult minder leven voelen wordt ingestuurd eigenlijk 'voor niks' in de tweede lijn blijft hangen, ook met een goed CTG. En dat is zonde, van het geld en van die kans op onnodige interventies.

Maar wordt waardeloze diagnostiek minder waardeloos in handen van mensen die er mogelijk kritischer mee omgaan? Zou dat tot verbetering leiden? Of draagt dit alleen maar bij aan de werkelijke waarde die het CTG nu vooral heeft, namelijk vrijwaring van juridische aansprakelijkheid?
Wat mij betreft wordt daar nog eens goed inhoudelijk over gepraat, met het inmiddels al drie jaar oude artikel erbij!

donderdag 26 maart 2015

'Wat is er mis met een beetje overleg?'

1.
Een vrouw, Lilian, komt bij haar verloskundige, Jade. 
Lilian is naar Jade overgestapt vanaf een andere praktijk - vlak voor die overstap is er een 'standaard' groei-echo gedaan. Daarbij is aan de hand van de metingen geschat dat de baby 'groter dan gemiddeld' lijkt.
In de regio waar Lilian woont reden om een gynaecoloog te consulteren.

De gynaecoloog kijkt met een echo en stelt vast dat de hoeveelheid vruchtwater ruim is, maar niet abnormaal.
Ook wordt aan de hand van de metingen ingeschat dat de baby inderdaad 'veel groter dan gemiddeld' lijkt.
Er wordt geadviseerd te laten testen op zwangerschapsdiabetes. Die test is ongestoord.*

Tóch zit de gynaecoloog met de groei. 
Een grote baby, zo wordt geredeneerd (zie ook mijn vorige blogpost) geeft risico op allerlei extra complicaties bij de baring.
Onvoldoende vorderen, problemen bij de uitdrijving, schouderdystocie en overmatig bloedverlies, om er eens een paar te noemen.

De gynaecoloog zegt de zorg voor de zwangere over te nemen. Want zo'n grote baby zagen ze zelden. De omtrek van de buik zou zelfs op de 'p100' zitten (denk daar maar eens over na, wat dat zou moeten betekenen). Geschat wordt dat de baby meer dan 4500 gram zal wegen bij geboorte. 
De gynaecoloog wil een inleiding plannen bij 38 weken.

2.
Een vrouw, Heleen, komt bij haar verloskundige, Marja.
Marja werkt in een praktijk waar, sinds er twee keer achter elkaar een stuitligging gemist is, standaard een liggingsecho wordt gedaan. 
Tijdens deze echo wordt gezien dat de baby netjes met het hoofdje naar beneden ligt. Maar en passant wordt toch ook even naar de buik van de baby gekeken en lijken de niertjes afwijkend van vorm. 
De verloskundige/echoscopiste besluit Heleen daarom te verwijzen voor een consult.

De gynaecoloog kijkt met een echo en ziet normale nieren, maar kijkt ook even naar de groei. En zo wordt aan de hand van de metingen ingeschat dat de baby 'groter dan gemiddeld' lijkt.
Er wordt geadviseerd te laten testen op zwangerschapsdiabetes. Die test is ongestoord.

Tóch zit de gynaecoloog met de groei. 
Een grote baby, zo wordt ook hier gedacht, geeft risico op allerlei extra complicaties bij de baring.
Hoe eerder Heleen bevalt hoe kleiner de baby is en hoe groter de kans op een vaginale baring, redeneert de gynaecoloog.

De gynaecoloog zegt de zorg voor de zwangere over te nemen. Want zo'n grote baby zagen ze zelden. De omtrek van de buik zou zelfs op de 'p100' zitten (de dikste buik van Nederland?..). Geschat wordt dat de baby meer dan 4500 gram zal wegen bij geboorte. 
Heleen krijgt twee opties: inleiden bij 38 weken of een geplande keizersnede bij 39 weken.

3.
De verloskundige van Lilian is in verwarring. Zij vond de buik van de zwangere best groot - en is natuurlijk wat geïntimideerd door de stelligheid van de gynaecoloog. Toch twijfelt ze ook; de zwangere oogt eigenlijk kerngezond. Nu blijkt dat het met de hoeveelheid vruchtwater wel meevalt en er verder geen aanwijzingen zijn voor pathologie, zou ze eigenlijk gewoon willen afwachten.

Maar welke collega ze ook spreekt, iedereen verklaart haar voor gek. Dat zou betekenen dat ze tegen het advies van de gynaecoloog ingaat. 'Nooit doen!' wordt gezegd. 'Je hangt aan de hoogste boom!' wordt gezegd. 'Straks krijgt ze een enorme fluxus thuis!' wordt gezegd. 'Zeg gewoon tegen haar dat ze thuis mag, maar bedenk tijdens de baring gewoon een reden om met haar naar het ziekenhuis te gaan!' (!) wordt gezegd.

Ook Marja, de verloskundige van Heleen, baalt. Ze wilde alleen de ligging weten - en nu is Heleen 'klinisch'. 
Ze belt met de gynaecoloog die Heleen overneemt, maar het gesprek verloopt onbevredigend. De gynaecoloog doet smalend over de geuite twijfel van Marja over het geschatte gewicht. Ook ziet ze geen enkel voordeel van terug naar de eerste lijn.
En Marja werkt in een grote praktijk. Een deel van haar collega's is het met haar eens dat het niet terecht is dat Heleen nu is 'overgenomen', maar een ander deel vindt het te riskant om hierover in discussie te gaan. En zolang haar collega's niet akkoord zijn, kan Marja Heleen niet terug in zorg nemen. 

4.
Lilian vindt het lastig. 
Ze is onder de indruk van de dingen die tegen haar gezegd zijn en ook een beetje geïntimideerd - die genoemde complicaties liegen er niet om. Is ze dan toch gek dat ze thuis wil bevallen?
In haar familie bevalt iedereen vlot en zonder complicaties - en eigenlijk heeft ze diep van binnen het idee dat zij dat ook zal kunnen. Ze is er een beetje verbaasd over dat niemand haar vraagt hoe ze er zelf over denkt.

Lilian gaat het gesprek met haar verloskundige Jade keer op keer aan, ze zoeken ook adviezen van anderen hierbij. En dan besluiten ze om 'gewoon' af te wachten. 
Na de stoute schoenen aangetrokken te hebben, laat Jade deze beslissing aan de gynaecoloog weten - en Lilian zegt haar afspraak in het ziekenhuis af.
Dit komt de verloskundige op een bijzonder onaangename mail van de gynaecoloog te staan. Die schrijft onder andere: 'Uiteraard ben ik het er niet mee eens dat patiënte thuis bevalt'. 

5.
Ook Heleen worstelt met wat ze moet. Ze heeft altijd gedacht dat ze bevallen wel zou 'kunnen' - en nu lijkt ineens van niet. Of in elk geval is er veel twijfel gezaaid over de dreigende complicaties. Terug naar de verloskundige kan niet, zoeken naar een alternatief is haar eigenlijk teveel. Ze is al zo ver zwanger. Een keizersnede wil ze niet, dus ze besluit om de optie van inleiden bij 38 weken te kiezen.

6.
Lilian bevalt met 39+1 weken thuis.
Ze bevalt vlot.
Haar kindje weegt 3800 gram.
Ze is super blij.

Heleen wordt met 38 weken opgenomen voor een inleiding.
Het duurt meerdere dagen voor ze inleidbaar is.
Ze krijgt een epiduraal vanwege een langdurige baring. 
Haar kindje weegt 3800 gram.
Ze is blij dat haar bevalling achter de rug is, na een periode van enorme onzekerheid. 

7.
Wat is nou de moraal van dit verhaal?

Natuurlijk niet: als je thuis bevalt heb je meer kans op een goede beval ervaring, hoe waar dat ook is trouwens.

En ook natuurlijk niet: aan de hand van deze voorbeelden kun je zien dat een ingeschatte groei niets zegt over het werkelijke gewicht, hoe waar ook dat trouwens ook is.

Maar wel: dat het gevolgen heeft om een gynaecoloog te consulteren en dat de tekst: 'wat is er mis met een beetje overleg' een is die wat mij betreft voor altijd beantwoord mag worden met: 'veel meer dan je denkt' en met: 'dat hangt van de basisvoorwaarden af'.

*'ongestoord' betekent: normale waarden.


zondag 8 maart 2015

Alledaagse devaluatie van de wetenschap.

Reactief bloggen, dat heb ik de laatste jaren zo vaak gedaan, dat ik er bijna genoeg van heb.

Ik kom er altijd zo van in een mopper-stemming.

Maar ja, zo'n radio-interview met professor Jan Nijhuis, dat kan ik niet laten liggen, al was het maar omdat de timing vrijwel gelijk viel met mijn blogpost van 4 maart over macrosomie.

En al was het maar omdat ik als moeder en oma van kerngezonde macrosome kinderen kippenvel krijg van het gemakzuchtige dédain waarmee door professor Nijhuis gezondheid in de 'high-risk' hoek wordt geschoven. Haast op het gewetenloze af.

Want het interview staat bol van de aannames. Het gaat om de waan van de dag, in dit geval in de vorm van een onderzoek uit België waaruit blijkt dat kinderen 'steeds zwaarder' worden.

Maar professor Nijhuis voelt niet de minste terughoudendheid om zijn mening te geven.

Je vindt het interview hier.

Hij zegt, resumerend: een geboortegewicht van 4000-4500 gram is ECHT overgewicht. De NVOG heeft gezegd: bij een gewicht van ongeveer 4500 gram moet je een keizersnede overwegen omdat de problemen zo groot worden. Dat geeft dus aan dat dikke kinderen tot problemen leiden.

De cirkelredenering: 'het is zo omdat wij vinden dat dat zo is' - is natuurlijk om te beginnen vrij hilarisch.
Die zorgt er in elk geval bij mij voor dat ik meteen denk: zo sterk is je onderbouwing dus niet.

Vervolgens zegt professor Nijhuis zoiets als: te zware zwangeren krijgen stoornissen ("we weten dat zwangeren getest 'moeten' worden op diabetes") die leiden tot zwaardere kinderen en dat leidt dan weer tot grotere kans op geboortetraumata. Hoe beter je de zwangere op dieet "zet" hoe minder zwaar de baby’s worden - terloops noemt hij de Erbse parese daarbij als geboorteschade in plaats van iatrogene schade - en als het kind "er niet door kan" moet je keizersnedes doen. Dan zegt hij nog iets over neonatale hypoglykemie met kans op schade aan de hersenen - en vervolgens hebben kinderen van moeders met een hoge BMI meer kans op diabetes op latere leeftijd en overgewicht en andere problemen, de rest van het leven.

En blijkt alles samen te hangen met het gegeven dat ouders te dik zijn en te weinig bewegen.

(Even terzijde hoor, maar als ik mezelf in een interview iets zou horen zeggen over dat vrouwen getest 'moeten' worden of nog gekker, dat ik 'ze' op dieet 'zet', zou ik me echt rot schamen.)



Nu heb ik een paar vragen.

Om te beginnen een opmerking over die 'geboortetrauma's'. Mensen die dit blog al langer lezen weten dat er over het onderwerp schouderdystocie nog veel vragen bestaan en dat daaruit in elk geval te concluderen valt dat we vooral heel veel níét weten. En ook dat het heel wel zou kunnen zijn dat in de meeste gevallen de oorzaak niet bij de moeder of het kind ligt, maar bij de context van de baring en de inzichten van de aanwezige zorgverlener.
Als het om preventie van geboortetrauma's gaat, is het dan niet een stuk interessanter om het handelen van ons zorgverleners onder de loep te nemen, in plaats van de zwarte piet bij de zwangeren te leggen?

Dat een 'te grote' baby mogelijk kan leiden tot een niet vorderende baring die uitmondt in een keizersnede zal waar zijn, maar is het tegenwoordig niet redelijk common sense dat een wanverhouding niet van tevoren te voorspellen valt, hoe vaak we dat ook al geprobeerd hebben? (Weldoen en niet schaden, en als je het niet zeker weet.....)

En dan.
Van tevoren het geboortegewicht schatten - kunnen we dat zo goed?
Wat maakt dat er in het hele interview geen woord gewijd wordt aan de kans dat een kind dat echoscopisch macrosoom wordt geschat, helemaal geen macrosoom blijkt te zijn?
Zijn we dan zó zeker van onze zaak dat het goed is om in te grijpen als de baby groot lijkt, dat deze beperking niet eens het benoemen waard is?


Wat me brengt bij de volgende, misschien wel mijn belangrijkste, vraag - hoe relevant is het opsporen van de eventuele risico's?
Anders gezegd: wordt de wereld een beetje gezonder door dit 'hands-on' beleid van vrouwen op dieet 'zetten' en wat al niet? Of weten we dat helemaal niet zo zeker?
Want het is een aardige gedachte, zwangeren op dieet zetten en er dan vanuit gaan dat hun baby's dan later minder kans maken op diabetes - maar is het niet wat erg simpel geredeneerd?

Of zijn we inmiddels al zo ver dat eventuele iatrogene schade aan gezonde mensen als collateral damage kan worden afgedaan, zonder verdere vragen? Zoals ik me in mijn vorige blogpost ook al afvroeg: mag je zomaar voorbij gaan aan het feit dat de gezondheidswinst die je beoogt maar voor een heel klein deel van het aantal vrouwen dat je daadwerkelijk behandelt opgaat, zonder oog te hebben voor de gevolgen voor de groep die, achteraf gezien, de interventies niet nodig had?

Dus zo kom ik weer bij dat weldoen en niet schaden uit.
Primum non nocere, et in dubio abstine.
Over weldoen bestaat hier geen zekerheid, over het 'niet schaden' bestaat geen zekerheid, maar ondanks de twijfels handelen we.

Mag ik daar stellig voor bedanken?

Dan sluit ik me liever van harte bij een collega aan die schreef: 'Dat een hoogleraar dit durft te beweren is wederom een devaluatie van de wetenschap. Als dit wetenschap is dan zou ik als zwangere daar ver van uit de buurt willen blijven.'

woensdag 4 maart 2015

Macrosomie

25 jaar geleden beviel ik prematuur van een dochter.
Het was mijn eerste kind en ik was bijna 33 weken zwanger.

Ze woog 2500 gram.

Iedereen was blij dat ze zo'n mooi gewicht had, vooral ook de kinderarts. Prematuren die een goed gewicht hebben doen het beter. En dat gaat niet om details - ze hebben keihard betere overlevingskansen.

2500 gram bij 33 weken, dat komt niet zo vaak voor. 
Als je naar de percentiel van haar geboortegewicht kijkt was die: >p97,7. 
(En nee, er was geen termijndiscussie.)
Ze kon na tien dagen al mee naar huis. 

Tegenwoordig wordt steeds vaker als definitie van 'macrosomie' gegeven: een geboortegewicht boven de p90. 
(En, nog veel erger, ik durf het bijna niet hardop te zeggen - wordt niet de percentiel maar het geboortegewicht als definitie voor macrosomie aangehouden, zonder rekening te houden met de termijn en zonder rekening te houden met hoe het aspect van het kind is.
Dat maakt het lekker simpel - stompzinnig simpel zeg maar.)

Mijn dochter was dus 'macrosoom'.

Vandaag de dag is heel goedbedoelend zorgland continu bezig om ongeboren kinderen op maat te schatten. 
Maakten we ons vroeger (terecht) vooral druk over kindertjes die groeivertraagd zijn, tegenwoordig ben je juist ook als je goed groeit niet meer zeker van je plek in de buik van je moeder. 

Want macrosoom zijn, dat is vragen om moeilijkheden. Al was het maar omdat veel zorgverleners van 'een grote uitzetting' zo zenuwachtig worden dat ze het krukje voor de schouderdystocie maar vast klaarzetten.

En niet zelden wordt daar beleid op gemaakt, met als meest zorgwekkende wat mij betreft: inleiden bij 38 weken.
Alsof die laatste weken voor een ongeboren kind arbitrair zijn. Natuurlijk zijn ze dat niet, zegt het stemmetje van de moeder-in-mij. Maar ja, die stem moet zwijgen als ik mijn zorgverlenerspet opzet. En toch: 

Dat, waar iedereen bij 33 weken waardering voor heeft, is in de A-terme periode ineens een heel ander verhaal.
Maar is dat waar?
Zijn er echt bewijzen dat 'macrosome' kinderen er minder belang bij hebben om op hun tijd geboren te worden dan niet-macrosome kinderen?

Het frustrerende is, dat het antwoord gewoon 'nee' is. 
Wat vage aanwijzingen hier, wat matig reproduceerbare data daar, wat slecht naar Nederland overzetbare evidence zus - en carte blanche voor een extra slagje medicalisering.

En nadelen heeft het zeker wél, want kinderen die wat langer blijven zitten doen het beter. Dat geldt niet alleen bij 33 weken, er zijn wel degelijk aanwijzingen dat dat ook voor de periode na 38 weken geldt.
Er zijn eigenlijk minstens zo veel voordelen te noemen van afwachten als er voordelen te noemen zijn van ingrijpen. 

Waarom doen we het dan?

Zegt u het maar.

Waar is het 'weldoen en niet schaden'? 
Wie zegt dat het huidige gedoe rondom het opsporen van macrosomie niet keihard 'schaden' is?
En dat half verloskundig Nederland nu dus actief bezig is enorme schade toe te brengen aan een heel cohort? 
Mógelijk in het voordeel van een enkeling in dat cohort, maar met mogelijk ook heel veel nádelen voor de meesten in datzelfde cohort, minstens zo belangrijk om aandacht aan te besteden?

Ik spreek op persoonlijke titel, als vrouw, moeder en oma:
volgens mij is dit niet alleen bangmakerij en discriminatie van zwangere vrouwen (met alle schadelijke gevolgen van dien), volgens mij is de kans dat dit gewoon schadelijk en onethisch is veel groter dan dat het ook maar een zier bijdraagt aan de volksgezondheid.

Wie ziet hier eigenlijk op toe?....

dinsdag 18 november 2014

De Zorgstandaard of: onze eigen Reader's Digest

Als kind las ik alles wat los en vast zat.

Boeken, boeken, boeken.
En stripboeken.
En tijdschriften.

Met die laatste categorie heb ik altijd een dubbele verhouding gehad.
Aan de ene kant - fijn, met plaatjes, fijn bladeren, fijn van alles wat.
Aan de andere kant - als je net iets meer wilt lezen is het artikel al weer uit.
Het lijkt bij de meeste tijdschriften niet echt de bedoeling diep op dingen door te gaan, of in elk geval is dat minder belangrijk dan over van alles iets te schrijven.

Een geval apart was de 'Reader's Digest'. Mijn opa en oma hadden die liggen.
'Het Beste'.
Het beste van alle andere tijdschriften en ook het beste van de nieuwste boeken.
Tot je goed ging lezen - want het ging om samenvattingen.
Nogal gekleurde samenvattingen ook, conservatief, slecht vertaald.
Wie zit daar nou op te wachten?
Echt een afknapper, die Reader's Digest.

Een krantje voor in de wachtkamer van de tandarts.

Gisteren kreeg ik het laatste concept van de nieuwe Zorgstandaard onder ogen, de productie hiervan, top down, door het CPZ in gang gezet. Ik kan nog geen link geven, want hij is nog niet openbaar.
'Het CPZ'?..... Ik weet niet eens wie er in zitten eerlijk gezegd. Ja, Chiel Bos. Die van die palmbomen. 

Eerst dacht ik dat het een grapje was, die Zorgstandaard.
Ik dacht: de politiek heeft een zoethouder nodig, het is allemaal een groot spel.
Dit kan niet serieus zijn.

Er is duidelijk een of ander bureau aan het schrijven, knippen en plakken gezet.
Het is net de Reader's Digest namelijk.
Van alles wat, maar net niks.
Conservatief, slecht geschreven.
Steeds een hint van waar het om gaat, maar dan nét weer niet. Ambachtslieden met een totaal verschillende visie in bochten gewrongen om met iets gezamenlijks naar buiten te komen. 
En toen was er: 'eenduidigheid'......

Gelukkig krijgt het veld de ruimte om verbetersuggesties te doen.
Ga ik ook doen natuurlijk, iets meer in detail dan hier.

Maar voor nu moet me echt van het hart;
ik weiger beslist te geloven dat onze beroepsgroepen, zowel verloskundigen als gynaecologen, wat twee totaal verschillende ambachten zijn, zichzelf werkelijk willen degraderen tot 'verloskundig zorgverlener'.

En als die Reader's Digest voor de geboortezorg de 'standaard' moet worden waar alle 'verloskundig zorgverleners' zich aan zouden moeten houden, dan zou dat echt de grootste knieval aan politiek en machtsbelangen zijn van onze beroepsgeschiedenis.

Ik zeg: we doen het niet! 

zondag 4 mei 2014

De drogreden van 'geen doel op zich'

De NVOG spreekt zich uit over de lasterlijke bagger die twee heren, die van toeten noch blazen weten, via de Volkskrant over mijn beroepsgroep uitstortten.
Nou ja, spreekt zich uit...dat doen ze nu juist niet. Ze scharen zich achter de woorden van Chiel Bos, voorzitter van het CPZ.

Hier kun je hun reactie lezen.

Ik wil op een klein stukje ingaan.
'Thuis bevallen mag volgens Bos geen doel op zichzelf zijn. De beste begeleiding voor de zwangere moet voorop staan. Mede daarom pleit Bos voor het laten vervallen van een eigen bijdrage voor een poliklinische bevalling.'

Een thuisbevalling mag geen 'doel op zichzelf' zijn.
Wat een laffe manier van drogredeneren. 

Toevallig heb ik vorige maand in een presentatie uitgelegd dat 'X(vul maar in) mag geen doel op zichzelf zijn' 
een rare, niet ter zake doende tekst is (zie andere post van vandaag).

Het is een politieke manier om te zeggen: 'ik heb andere belangen, waarbij 'X' niet goed van pas komt, maar dat ga ik niet hardop zeggen'.

Hoor je ooit iemand zeggen:
'Een keizersnede mag geen doel op zichzelf zijn'? Precies. En waarom niet? Omdat een keizersnede een levensreddende ingreep is waar geen mens tegen kan zijn. Het zou onzinnig zijn als je hardop zegt: 'een keizersnede mag geen doel op zichzelf zijn'.

Hoe kan het dat het maar niet aan het verstand van beleidsmakers te peuteren valt dat de zin 'de thuisbevalling mag geen doel op zichzelf zijn' net zo'n onzinnige uitspraak is? 
Tenminste, als je niet alleen waarde hecht aan 'ingrijpen bij complicaties' maar ook aan 'bevorderen van gezondheid' en 'het voorkómen van complicaties'. En dat lijkt me in een goed systeem voor gezondheidszorg nogal belangrijk. 
Dat de rest van de Westerse wereld dit kind met het badwater heeft weggegooid hoeft toch niet te betekenen dat wij dat ook moeten doen?


In de veranderingen die doorgevoerd worden in de zorg gaat het alleen maar zijdelings over die thuisbevalling.
Want wacht even hoor - was het niet al lang duidelijk dat de winst in het vermijden van perinatale sterfte in elk geval niet te behalen viel bij de groep vrouwen die thuis bevalt? Ja, dat was al lang duidelijk!

Dus waarom wordt het twijfelen aan het bestaansrecht van die thuisbevalling nou weer van stal gehaald?
Wat Chiel Bos zelf hardop zegt is een interessant antwoord op die vraag. In feite geeft hij zicht op het verborgen agendapunt: er valt veel te verdienen aan de barende, maar vooral als ze níét thuis bevalt. Ze moet in een ziekenhuis of een geboortecentrum bevallen.
Dat praten over afschaffen van de eigen bijdrage over de poliklinische bevalling is de schijn-agenda. Een kul-agenda ook nog, want er is geen vrouw in Nederland die die eigen bijdrage 'moet' betalen - ik mag elke vrouw waarbij ik dat geïndiceerd acht een 'plaatsindicatie' geven. Dat is altijd al zo geweest.


Ik heb het echt helemaal gehád met die verhullende praat.
Dus ik kom weer met een voorstel.

Als de NVOG nou eens begin maakt met investeren in samenwerking waar de thuisbevalling net zo'n stevige plaats houdt als de 24/7 uit te voeren keizersnede. 
En laten ze wél in de media reageren. Wil je goed samenwerken met verloskundigen? Dan laat je ze toch niet zo in de media door het slijk trekken zonder daar iets van te zeggen?

En als de KNOV nou eens een wat steviger geluid laat horen over de core business van de verloskundige: het beschermen en bevorderen van de fysiologie. Want daar mag wel weer eens wat meer aandacht naar toe.

Dan mogen de mensen die geen enkel verstand hebben van het verschil tussen een thuisbevalling en een ziekenhuisbevalling, omdat ze nog nooit een thuisbevalling hebben begeleid, er het zwijgen toe doen.
Die mogen zich eens gaan verdiepen in wat 'werkt' om een spontane baring te bevorderen. Eens een tijdje mee gaan lopen in de eerste lijn.
Degene die de bevalling 'uit de bedstee' wil halen moet maar eens bedanken voor de eer om 'onafhankelijk voorzitter' van het CPZ te zijn. 

Het is pure misleiding om te stellen dat je de voordelen van thuis na kunt bootsen door 'thuis' naar het ziekenhuis of bevalcentrum toe te halen ('In Noorderdierenpark Emmen hebben ze de kooien ook vervangen door habitat-gelijkende eilanden, maar daarom is het nog wel een dierentuin' citaat van mijzelf.)
En het is eveneens misleidend om te stellen dat je dit gezondheidsbevorderende effect thuis kunt handhaven als je het ziekenhuis naar het huis toehaalt (en dus allerlei voorschriften uitvaardigt over hoe het bevalbed moet staan en waar in huis gebaard mag worden en waar niet. Of door allerlei commentaar te hebben over onder welke omstandigheden wél of niet thuis bevallen kan worden). 
Zoals ik hierboven al zei: om écht goede gezondheidszorg te hebben is het niet alleen belangrijk om tijdig te kunnen ingrijpen bij complicaties, het is minstens zo belangrijk om gezonde processen de ruimte te geven. En dan heeft de mogelijkheid voor een vrouw om in haar eigen omgeving ongestoord te kunnen bevallen, keihard bestaansrecht. 

Als zij dat wil.

Onze infrastructuur moet er op zijn ingesteld. Onze verloskundigen zouden hier op moeten zijn ingesteld. En gynaecologen zouden hier op moeten zijn ingesteld.

Vrouwen verdienen heldere en eerlijke taal in de media.
Wat mij betreft nemen KNOV en NVOG samen het voortouw om onze professionele integriteit te redden.
KNOV én NVOG die in de media luidop uitspreken dat thuis bevallen het waard is om ons sterk voor te maken:
Dát zou mij nou vertrouwen geven!

Presentatie bijeenkomst Samen Op Eigen Benen.

Bij wijze van experiment heb ik een Powerpoint presentatie op Youtube gezet,
vergezeld van een opname waarin ik de tekst van de presentatie voorlees.

Een opmaat voor mijn volgende blogpost, waarin ik dieper doorga op de tekst:

'X moet geen doel op zich zijn'.

Of, zoals in deze presentatie aan de orde komt:

Wat moeten we met de zin 'Autonomie moet geen doel op zich zijn'?

Hier kun je mijn presentatie horen en zien.

Wordt vervolgd!

donderdag 1 mei 2014

Voor de grote kracht van dwaasheid mag het verstand níet zwichten! OPROEP

Dit stuk heeft twee delen.
Eerst ga ik mopperen.
En dan doe ik een oproep.

1. Mopperen.
Daar is ie dan: de nieuwe 'leidraad' van het bestuur van het CPZ.

Kort door de bocht:
Wat een doffe ellende. Ik doe elke dag m'n uiterste best om integere zorg te leveren en te investeren in samenwerken. 
Wat heb ik dan aan een leidraad waar wartaal in gesproken wordt?
Die helpt mij toch van de wal in de sloot?

Ik pak er één zin uit.

'De term Integrale (Geboorte) Zorg staat voor het streven naar oriëntatie op de zorgvraag van de zwangere, waarbij door een constante evaluatie van de kwalitatieve uitkomsten en de cliëntervaringen de zorg kwalitatief beter, effectiever en doelmatiger wordt.'

Je zult het niet geloven, maar dit moet doorgaan voor een 'definitie'.

Het 'streven naar oriëntatie op de zorgvraag van de zwangere'?
?
Dat we ons best gaan doen om ons te oriënteren op waar de zwangere behoefte aan heeft?
Echt?
'Oriëntatie op' betekent iets van 'richting', maar het is heel breed - 'oriëntatie op het Oosten' bijvoorbeeld. Maar of dat Duitsland of Polen of India is...

Dus kennelijk: het mag breed ingevuld worden wat daaronder verstaan wordt, die 'zorgvraag van de zwangere'. 
En het mag eveneens breed ingevuld worden wat je verstaat onder 'oriëntatie op'. 
Er overheen vliegen mag ook.

Er staat niet: Integrale Zorg staat voor een organisatie die zich wil inzetten op vraaggerichte zorg - al lijkt het er een beetje op.
Is het misschien de bedoeling dat ik dénk dat dat er zou kúnnen staan?
Terwijl een andere stakeholder misschien dénkt dat er iets anders zou kunnen staan?
Zodat we allemaal tevreden zijn?

Ik denk dat de bedoeling is. 
En ik denk dat dat expres gedaan is ook. 
En dat het onvermijdelijk is dat deze leidraad hier op uitdraaide.
Zoals alles wat het CPZ heeft uitgebraakt hier al op uitgedraaid is.

Om het geheel nog eens te resumeren:
De integrale zorg zou volgens deze leidraad concreet gemaakt moeten worden
in een multidisciplinair team, gedeelde verantwoordelijkheid, de gezamenlijke risicoselectie, een individueel zwangerschaps- en geboorteplan en het ontwikkelen en toetsen van een aantal regionale richtlijnen binnen de landelijke zorgstandaard. 
Hoppatee, de hele lulkoekbingo-kaart in één keer vol!

Er. Is. Geen. Enkele. Onderbouwing. Voor. Deze. Interventies.

Het is onduidelijk wat het effect op de medicalisering is.
Het is onduidelijk wat het effect op de kosten is. 
Het is onduidelijk wat het effect zal zijn op het probleem dat er nu in de samenwerking is. 
Het is onduidelijk waar de onderbouwing vandaan komt van cruciale topics als 'gezamenlijke verantwoordelijkheid' en 'gezamenlijke risicoselectie', terwijl die termen ook nog eens veel te vaag blijven.
Het is onduidelijk wat het 'gezamenlijk dossier' in zou moeten houden, terwijl het hele thema van het 'webbased dossier' politiek bepaald nog gevoelig ligt als het over privacy gaat. (Dat dit totaal wordt genegeerd door het CPZ is trouwens op zijn minst curieus.)

Begrijpt u het nog?...

Dit is een advies aan de politiek. 
Maar als de politiek dit oppakt is het toch gewoon een stap dichterbij naar totale ongeloofwaardigheid van degenen die de geboortezorg organiseren?

Een wilde gok als het om vernieuwing gaat. Met gigantische inzet. 

Over Russisch Roulette gesproken!

2. Daarom deze oproep!
Want dit schiet niet op.

Laten we om te beginnen het CPZ ontmantelen. 
De huidige zittingnemers krijgen een hele mooie bos bloemen als dank voor hun inzet - en een seizoenskaart voor Holland Casino.

Vervolgens formeren we een nieuwe werkgroep.
Hierbij gaan we strak selecteren.
We hebben in Nederland gelukkig nog heel veel mensen met gezond verstand.
Die duidelijke taal durven te spreken, die wars zijn van het grote geld en die geen enkel belang hebben bij 'hogerop komen'. Deze drie eigenschappen zijn absolute vereisten.
Uit deze groep mensen selecteren we: een drietal cliënten uit diverse lagen van de bevolking, een drietal verloskundigen en een drietal gynaecologen.

Zij formuleren een aantal basis-standpunten, waarbij om te beginnen ingezet wordt op aanmoedigen, versterken en verbeteren van dat wat in het huidige systeem goed gaat, in plaats van controleren, uniformeren en sanctioneren.
Die laatste drie zijn al vijftig jaar niet meer van deze tijd.
Vervolgens brengen zíj advies uit aan onze minister over de toekomst van de geboortezorg. In duidelijke taal alstublieft.

De Nederlandse vrouw verdient heel wat beter dan in dezelfde ellende terecht te komen waar de rest van de Westerse wereld in verzeild geraakt is. 
Beter ten halve gekeerd, dan ten hele gedwaald.

Wie durft?!

zondag 27 april 2014

NOCEBO

Het 'placebo-effect' kennen we allemaal.
Een positief effect op iemands welbevinden zonder dat er sprake is van meetbare werkzame stoffen of 'echte' behandeling.

Er wordt nog altijd gedaan alsof het placebo-effect 'niet echt' is, of een beetje lacherig dat het om suggestie gaat.
'Echte' geneeskunde zou het niet gauw zijn.

Maar ik ken ook mensen die langzaam zijn gaan denken dat het placebo-effect misschien wel het meest belangrijke deel is van de hele geneeskunde. Die gedachte spreekt mij aan. 

Minder bekend is het 'nocebo-effect'.
Het negatieve effect van 'ongunstige' bevindingen/beweringen op het welzijn van mensen. Het is de tegenhanger van het placebo-effect. Een nocebo-effect is meer dan alleen 'onterecht ongerust' maken. Het is een daadwerkelijk schadelijk effect waarbij meetbare lichamelijke reacties zijn.

Hier kun je er meer over lezen.
Een aardig filmpje erover vind je hier.

Voorbeelden van hele gewone interventies die een sterk nocebo-effect kunnen hebben:
Een bloedsuikercontrole die een grenswaarde aangeeft.
Een echo 'voor de zekerheid'.
Een 'mogelijk voorliggende placenta'.
Een uitspraak over een 'te grote baby' in de buik van de zwangere.
Een uitspraak over een 'te kleine baby' in de buik van de zwangere.
Gemompel over 'weinig vruchtwater'.
Een bloeddruk die 'een klein beetje aan de hoge kant' is.
Een uitwendig onderzoek in stilzwijgen met gefronste wenkbrauwen.
Een inwendig onderzoek in stilzwijgen met gefronste wenkbrauwen.
Rammelende medische instrumenten.
Een reanimatietafel in het zicht.

En met stip op één vandaag:
'Objectieve informatieverstrekking' over risico's, zonder dat aangetoond is dat ingrijpen dit risico vermindert.

Er is een artikel verschenen in het BJOG (link bij sommigen lijkt deze link niet te werken. Kun je niet openen, stuur me dan een berichtje dan stuur ik je een pdf file) waarvan ik eigenlijk hoop dat het een grap is waar ik nu, door toe te happen, dan toch intuin. Ik hoop het echt!
Het artikel heet: 'The dangers of the day of birth'.

Het zou een beschamend dieptepunt zijn als dit artikel serieus bedoeld was.
(Ik zeg dit ook nog even in het Engels: It would be a new rock-bottom in nocebo effects if this really is a serious article.)

Een citaat van Simone Buitendijk:
'We zijn in Nederland collectief bang geworden voor de bevalling. Zorgverleners zijn daarmee begonnen, maar ze hebben die angst overgedragen aan aanstaande ouders. Daardoor lijkt de geboorte niet langer het adembenemende begin van nieuw leven, maar vooral een levensgevaarlijk proces dat alleen met medische interventies tot een goed einde kan worden gebracht. Bijna een kwart van de Nederlandse vrouwen die bij de verloskundige aan de bevalling begint, vreest op enig moment tijdens de bevalling dat haar eigen leven of dat van haar baby in gevaar is. 1 Dat is een overschatting van de daadwerkelijke risico's met een factor 400.'

Elke bijdrage die zorgverleners leveren aan dit nocebo-effect, zou wat mij betreft als malpractice mogen worden beschouwd. Ik vind dat we nog veel te weinig naar onze interventies kijken op deze manier. Maar het gaat nog wel even duren voor het zo ver is, want het gaat om onze diepst gewortelde overtuigingen.

Ik ga de rest van vandaag besteden aan het bedenken van verluchtigende woordspelingen om me te helpen om de humor van dit artikel in te zien.
Het woord 'micromorts' roept een wat Harry Potter-achtige sfeer op, vind je ook niet?

Of ik bedenk een voorlichtende zin voor zwangeren: 'bevallen zonder CTG?..U laat uw kind toch ook niet bungy jumpen?'...

Dat helpt een klein beetje.




1. Rijnders M, Baston H, Schonbeck Y, Van der Pal-de Bruin KM, Prins M, Green J,
Buitendijk SE. Perinatal factors related to negative or positive recall of birth experience,
in women 3 years postpartum in the Netherlands. Birth 2008; 35 (2): 107-16

zaterdag 25 januari 2014

De nieuwe kleren van de keizer.

"'Samen voor een betere geboortezorg.'
'Dit is misschien een wat saaie slogan, maar wel een die het beste
de doelstelling van het consortium verwoordt.'

'De handen ineen slaan voor een betere geboortezorg.'
'Omdat je binnen een consortium samenwerkt, en dus de handen ineen slaat, lijkt dit misschien een open deur, erkennen de projectleiders van het regionaal consortium. Maar de slogan is wel degelijk ambitieus.'

'Een gezonde baby en een tevreden cliënt, door de juiste zorg, door de juiste professional en op het juiste moment.'
'Natuurlijk is dit een lange slogan', erkent coördinator (...) onmiddellijk. Maar het is er wel een die de lading dekt: 'Het perspectief van de baby en dat van
de zwangere staan erin voorop.'  

'Integrale geboortezorg in het belang van moeder en kind.'
'Het is misschien geen pakkende slogan, erkent coördinator (...), maar die is dan ook moeilijk te verzinnen.'"

Een paar citaten uit de intro's van de consortia.

Ken je het sprookje 'De nieuwe kleren van de keizer'?
Daar denk ik in dit kader geregeld aan.
Als ik die bovenstaande citaten lees heb ik het met de coördinatoren hiervan te doen.


De reuring rondom de (voor het grootste deel niet bestaande) onnodig hoge babysterfte in Nederland blijft maar spelen. 
En leidt nu tot de mateloos ongefundeerde ommezwaai die er in organisatieland gaande is.

Volgens mij zitten we nu zo'n beetje in dit stadium:

'Na een paar weken stuurde de keizer één van zijn dienaren naar de torenkamer om te zien of het werk al vorderde. De kleermakers waren druk in de weer op het weefgetouw en lieten de man zien wat zij al klaar hadden. De arme dienaar zag helemaal niets, maar omdat hij bang was zijn baan te verliezen als zou blijken dat hij niet intelligent genoeg was om de stof te zien, deed hij maar net alsof. En aan de keizer vertelde hij dat het werkelijk prachtig werd.'

Wie kan het nou níét eens zijn met de slogans van alle consortia?...


In het sprookje is aan het eind van het verhaal de koning erg veel geld kwijt en staat hij in zijn blootje.


Aan het eind van het verhaal van de 'gemeenschappelijke verantwoordelijkheid' is het, als we nu niks doen, nog erger.


Dan zijn we niet alleen veel geld kwijt en staan we in ons blootje 

- want de uitkomsten zijn geen sikkepit beter geworden (behalve dat we er misschien in slagen om meer zwangerschappen 'tijdig' af te breken zodat ze niet meetellen met de sterftecijfers) - 
we staan dan óók nog beteuterd te kijken naar de ruïnes van ons verloskundig systeem, waar we ooit met recht zo trots op waren.


Als er in dat sprookje nou maar één dienaar was geweest die had durven zeggen: 'ik zie helemaal niks!' dan was t niet zo sneu afgelopen voor de koning... 





vrijdag 24 januari 2014

Lulkoek.

Vandaag spelen we lulkoekbingo.

Men neme hiervoor deze kaart:




























Er zijn vast nog meer van zulke kaarten te fabrieken, maar dit is echt wel een fraaie.

Het doel van bovenstaande termen is om zo veel mogelijk verwarring te zaaien. Zodat niemand nog precies weet wat er nou belangrijk is en wat niet. 
Eh....waar gaat dit eigenlijk over?....Wat zijn we precies aan het doen?....In wiens belang zijn deze plannen?....zijn nou juist vragen die niet beantwoord worden.

En dat is natuurlijk vooral belangrijk op het moment dat er vele partijen aan tafel zitten met tegengestelde belangen. 
Belangen die vooral: onder tafel moeten blijven. Door druk van buitenaf bijvoorbeeld - uit angst voor verlies van inkomen of invloed.

En hoewel de meeste betrokkenen individueel van zeer goede wil zijn, is dit fenomeen verre van onschuldig. Eigenlijk is het gewoon een eufemistische manier van: leugen en bedrog. 

Een potje lulkoekbingo kan verhelderende inzichten opleveren voor zorgverleners die betrokken zijn bij ambitieuze projecten met veel stakeholders.

Vandaag een zeer geschikte tekst:

Het e-magazine van ZonMw met nieuws uit de regionale consortia.

Enfin, aan de slag. De spelregels van bingo zijn vast bekend - als alle deelnemers nou een hoofdstukje voorlezen wens ik jullie veel plezier!

O en waarde lezer: Als ik je tegen de haren instrijk met wat ik schrijf, zou je me dit dan willen laten weten? Dan hebben we het erover.
Ik zit vol met ideeën hoe dit beter én leuker kan.

Met dank aan Simone Valk voor de bingo-kaart.

woensdag 27 november 2013

Fysiologie? Pathologie?

Raymond de Vries gaf vorige week een workshop.
Hij houdt zich als socioloog al sinds de jaren '90 bezig met het Nederlandse verloskundig systeem in verhouding tot de rest van de westerse wereld.
Wij zijn nog steeds een unicum.

Hij kon uiteraard een hele reeks zorgwekkende ontwikkelingen benoemen - en deed dat op zijn eigen bescheiden humoristische wijze.

Een van de dingen die hij omschreef als 'annoying' (je ziet het niet aan zijn naam, maar Raymond is Amerikaan) is de opkomst van het woord 'risico' en dan vooral in de tweedeling 'laag-risico' en 'hoog-risico'.  Dat wordt gebruikt als indeling tussen wat onder verantwoordelijkheid van de verloskundige kan en wat onder verantwoordelijkheid van de gynaecoloog hoort.

Hij vroeg zich af waar de termen 'fysiologie' en 'pathologie' gebleven waren.

Dat vraag ik me ook af. 

Elke bevalling heeft een risico. In sommige gevallen is dat laag, in anderen hoger, dat is het idee. Dat zal best. Maar leidt dat tot een goede manier van selecteren?

Wat mij betreft niet. Ik denk zelfs dat het best zou kunnen dat het gebruik van de term 'laag-risico' een van de oorzaken van de ellende is waar we ons in bevinden. Hij is praktisch niet werkbaar.
(En hij is misleidend, maar daar kom ik volgende keer op terug.)
In de praktijk blijkt dat dan ook mis te gaan.

Het aantal verwijzingen-tijdens-de-baring vanuit de eerste lijn is fors gestegen met een gelijkblijvend percentage keizersnedes in die groep. Dat betekent: na verwijzing beviel deze groep vaginaal. De meeste 'hoog-risico' vrouwen blijken achteraf gezien net zo goed 'laag-risico' te baren.
Nauwkeuriger geobserveerd, dat wel. Met goede intenties. 

Andersom gaat voor vrouwen die het etiket 'hoog-risico' opgeplakt krijgen dus in toenemende mate de deur naar de 'expert in de fysiologie' dicht. (Dat lappen we misschien een beetje op door veel verloskundigen in de tweede lijn aan het werk te zetten, maar dat is geen oplossing van dit probleem.)

Een voorbeeld uit de praktijk van hoe dit gaat - en hoe het anders zou kunnen en in mijn ogen zou móéten kunnen.

Vorig jaar meldde zich een zwangere bij ons aan die 32 weken zwanger was van haar tweede kind.
VIL-technisch gezien was zij 'hoog-risico' - zij had de ziekte van Crohn in vrij ernstige vorm. Dat is op zich al een 'medische indicatie'.
Elke acht weken werd ze opgenomen voor een infuus met medicatie die ervoor zorgde dat de ontstekingen in haar darmen niet opvlamden.
In het verleden, toen haar ziekte nog erg onstuimig was, waren er twee fistels ontstaan, maar die waren gelukkig al jaren rustig.
Haar dagelijks leven werd (en wordt) flink ingekleurd door haar ziekte. Niet in de laatste plaats door de altijd aanwezige vermoeidheid.

Twee jaar eerder beviel ze van een zoon. Haar medicatie was in de periode rond de baring stopgezet, omdat onzeker was of het kwaad kon voor de baby.
Dat leidde tot een verergering van haar kwaal en een ziekenhuisopname. Omdat ze toen de 39 weken al gepasseerd was werd er ingeleid.
(N.B. dit is niet zo logisch als hier wordt geformuleerd maar in het voorstellen van de inleiding is dit de manier waarop het gebracht is.)
De bevalling verliep medisch gezien vlot. Toen er een epiduraal gewenst was, bleek de anesthesist druk en werd er pethidine gegeven.
Bij volledige ontsluiting werd gestart met persen en na een uur werd besloten om een vacuüm te doen vanwege niet vorderen. Persdrang heeft de barende niet gevoeld.
Toen trad een schouderdystocie op die in de All-Fours positie werd opgelost. Een wat aangeslagen kind van acht pond werd geboren dat zelfstandig bijtrok.

In deze nieuwe zwangerschap bleken de inzichten rond de medicatie te zijn veranderd - de zwangere hoefde niet te stoppen.
De groei van de baby werd in de gaten gehouden en was (net als de vorige zwangerschap) normaal.
Toen kwam het advies voor deze baring: een primaire keizersnede.
De reden? De fistels en de schouderdystocie in de voorgeschiedenis.

De zwangere had zo haar twijfels.  
En kwam hierover met me praten.

Om met het meest 'annoying' aspect van dit gesprek te beginnen:
níémand had tot dan toe aan de zwangere gevraagd wat zij zélf dacht over de aanstaande bevalling, of ze het zou kunnen of niet, en wat ze zou willen.
Ze had bij haar vorige verloskundige eens een balletje opgegooid over een thuisbevalling, maar daar was direct heel duidelijk gesteld dat dit géén optie was.
Er lag dus een compleet afgerond beval-advies, zónder dat de zwangere zelfs maar naar haar mening was gevraagd. De gynaecoloog die haar het advies gaf, had haar zelfs nog nooit eerder gesproken of gezien.

Nou, ze bleek zelf te denken dat ze het prima zou kunnen en wilde graag streven naar een baring via de vaginale weg.
En ze vroeg zich af of dat nou zo'n onverantwoordelijke gedachte was.
Nog gekker, ze zat zelfs af en toe nog steeds stiekem te denken dat ze het liefst in haar eigen huiskamer wilde bevallen. Gewoon, zelf, zonder onnodig publiek, zo ongestoord mogelijk, dat werk.

Wat moet zij met haar 'verhoogde risico'?
Erover praten natuurlijk en er over nadenken.
Dat deden we dan ook.

Haar verhoogde risico vanwege de 'belaste obstetrische anamnese' was goed te analyseren. Best mogelijk dat de schouderdystocie op was getreden door een probleem bij de moeder - maar ook best mogelijk dat dit mede veroorzaakt was door de entourage, inleiding, kunstverlossing, niet gewacht op persdrang, niet gewacht op volgende wee, paniek in de kamer, enfin lees m'n stukken over schouderdystocie maar.

Je kunt als je rationeel wilt werken (en dat wil ik) ónmogelijk iets zinnigs zeggen over het vooraf-risico in dit specifieke geval. Om deze reden een advies voor een primaire keizersnede te geven kan eigenlijk alleen maar defensief (dus: in het belang van de zorgverlener) worden uitgelegd (kom ik ook volgende keer op terug). 


Dan de Crohn, haar 'eigenlijke' indicatie om als 'hoog-risico' te worden behandeld. En in dit geval specifiek het advies voor een keizersnede vanwege de fistels. 
Twee jaar eerder had ze die fistels ook en was er nota bene een vacuüm gedaan. Hier was haar lijf goed van genezen. Nou veranderen de tijden en dus de inzichten, maar toch?
Ze sprak met haar maag-darm-leverarts.
Er bleek weinig evidence te vinden voor de beste weg in gevallen zoals deze.

En toen gebeurde er iets aardigs: de MDL-arts kon wel begrijpen waarom juist deze zwangere zo veel mogelijk de fysiologie wilde bevorderen en dus thuis wilde bevallen. Er was al zo veel ziekte in haar leven - de kans op een 'gezonde' ervaring zou ze, als ze dat wilde, moeten kunnen grijpen. 


En zo is het gebeurd.

Ze beviel thuis en zonder enig ingrijpen van de aanwezige vroedvrouw.
Van een dochter van zeven pond.
Haar lijf, in zoveel opzichten 'ziek', bleek als het om baren ging perfect gezond.
De schouders van de baby volgden prima.
Ze had niet één hechting nodig.
Zoals ze het zelf zegt: als ze erop terugkijkt heeft ze het idee dat ze de volgende dag alweer op de fiets wilde stappen. Ze voelde zich kiplekker.

Dat is FYSIOLOGIE,

hoog-risico of niet.

Dat is waard om voor te vechten!


woensdag 6 november 2013

It's as simple as this.

The full text of what I said during the Human Rights in Childbirth conference in Blankenberge, Belgium on november 4th.

This year I was reprimanded by the medical disciplinary board for the way I was involved in a (intended) homebirth of twins.

Did this mean I am no longer to assist in high-risk homebirths?
No, it does not.

And yes, I am still willing to attend so-called 'high-risk' homebirths, if that is the best way to go for the women involved.

Now - I won't be telling you today about how the Ternovszky holding was incorporated in my defense, because I did not use it.

Neither did I bring my lawyer here - I hadn't any.

I have learned a lot in the three years this case was going on - and I will use my five minutes to tell you about one thing I learned.

What I learned is:

We tend to make things very difficult, but actually it is not that hard.

And of course, I am aware of the complexity of things, and often overwhelmed by it.

But still:

The question should not be:
"Does a woman, under any circumstance, have the right to give birth at home?"

The question should be:
"Who will assist her?"

Because in a civilized country a woman, any woman, who wants a home birth in spite of the medical advise to be hospitalized, should not have to exercise her rights alone.

The bottom line is that we must never be allowed to use manipulation, coercion or force to push women towards 'sensible choices'. That would have nothing to do with civilization, either.

There will always be homebirth.

Let's make it a safe option. 

Let's ask ourselves the questions:
"Who has the expertise?"
"What 'area of expertise' is essential?"

If you look at what is possible and what is not possible in homebirth, we see that it's a fact that there is much more improvising and much less monitoring possible, compared to hospital birth.

But this is not a problem - it is supposed to be that way!

So if this brings a caregiver out of her (or his) comfortzone, is she (or he) competent, then? I really doubt it.

For the time being I would suggest that midwives with a lot of homebirth experience are the experts here.

As for the birth itself - I think it's the expertise of the birthing woman we need to trust.

And yes, we can lack experience, but that's also not a problem - 
if it's experience we lack, we must learn.

But.

We have to set the standards high for ourselves.


  • We need to be able to participate in the whole healthcare system as freely as with 'low-risk' births.

    We must not settle for less.

    We need to fight for this.

  • We need to be able to trust that the mere act of assisting women at home can never be a reason to be prosecuted.

    But most of all:

  • We need to be willing to be held accountable for the things we do, just like any other caregiver.

We need to be transparant, open, about what we do.

Firstly, and most importantly we need to be honest with ourselves.

I think it's time to be clear about this and stop making things so complicated.

Only in a climate of transparency, trust can develop.

To all midwives present here today I would like to say:

Please reject the role of victim.

Do not let yourselves be marginalized.

Let's find better answers.

There will always be women who give birth at home,
and we will support them.

It's as simple as that.